Praktische gidsen
Een schone voorruit is belangrijk voor goed zicht onderweg. Is je ruitensproeiervloeistof bijna op? Dan kun je deze eenvoudig zelf bijvullen. In deze gids leggen we stap voor stap uit waar je het reservoir vindt, welke ruitensproeiervloeistof je nodig hebt en waar je op moet letten.
Ruitensproeiervloeistof bijvullen in 7 stappen
Ruitensproeiervloeistof bijvullen kost meestal maar een paar minuten:
- Zet je auto op een vlakke ondergrond en schakel de motor uit.
- Open de motorkap.
- Zoek het reservoir voor de ruitensproeiervloeistof. De dop herken je meestal aan het symbool van een voorruit met sproeiende vloeistof.
- Open de dop en controleer, als het reservoir doorzichtig is, hoeveel vloeistof er nog in zit.
- Vul de ruitensproeiervloeistof rustig bij. Gebruik eventueel een trechter om morsen te voorkomen.
- Sluit de dop van het reservoir goed.
- Test de ruitensproeiers en ruitenwissers om te controleren of alles goed werkt.
Weet je niet zeker welk reservoir je moet hebben? Kijk dan in het instructieboekje van je auto. Vul nooit zomaar een reservoir bij als je niet zeker weet waarvoor het bedoeld is.
Waarom is ruitensproeiervloeistof belangrijk?
Tijdens het rijden komt er allerlei vuil op je voorruit terecht, zoals stof, modder, insecten en opspattend water. Ruitensproeiervloeistof helpt om dit vuil los te maken, waarna de ruitenwissers je voorruit weer schoon kunnen vegen.
Dat zorgt niet alleen voor een schone auto, maar vooral voor beter zicht op de weg. Daarom is het verstandig om regelmatig te controleren of er nog voldoende ruitensproeiervloeistof aanwezig is. Zeker in de winter en voor een lange autorit kan het reservoir sneller leeg raken.
Is ruitensproeiervloeistof verplicht bij de APK?
Bij de APK wordt gecontroleerd of de ruitensproeierinstallatie goed werkt. Voor personenauto's met een voorruit die na 30 september 1971 in gebruik zijn genomen, moet de installatie tijdens de APK vloeistof op het gezichtsveld van de bestuurder kunnen sproeien.
Is het reservoir leeg en komt er daardoor geen vloeistof uit de sproeiers? Dan werkt de installatie dus niet zoals vereist. Controleer daarom voor de APK ook even je ruitensproeiervloeistof.
Waar moet ruitensproeiervloeistof in?
Het reservoir voor de ruitensproeiervloeistof zit meestal onder de motorkap. De dop is vaak blauw of een andere opvallende kleur en heeft meestal een symbool van een voorruit met waterstraaltjes erop.
De precieze plek verschilt per auto. Kun je het reservoir niet vinden? Raadpleeg dan het instructieboekje van je auto.
Let goed op dat je ruitensproeiervloeistof niet verwisselt met bijvoorbeeld motorolie, koelvloeistof of remvloeistof.
Kun je water gebruiken als ruitensproeiervloeistof?
Alleen water gebruiken is niet aan te raden. Ruitensproeiervloeistof is speciaal samengesteld om vuil en vettigheid van de autoruit te verwijderen. Water is daar minder geschikt voor.
Daarnaast kan gewoon water bij vorst bevriezen. Hierdoor kunnen de ruitensproeiers niet meer werken en kan het ruitensproeiersysteem beschadigd raken.
Gebruik daarom bij voorkeur ruitensproeiervloeistof die geschikt is voor het seizoen.
Welke ruitensproeiervloeistof heb je nodig?
Er zijn verschillende soorten ruitensproeiervloeistof. In de zomer kun je een zomervariant gebruiken die onder andere helpt om insecten en vuil van de voorruit te verwijderen.
In de winter is het belangrijk om winter-ruitensproeiervloeistof te gebruiken die bestand is tegen temperaturen onder het vriespunt. Op de verpakking staat tot welke temperatuur de vloeistof bescherming biedt.
Moet je ruitensproeiervloeistof verdunnen?
Dat hangt af van het product. Kant-en-klare ruitensproeiervloeistof kun je rechtstreeks in het reservoir gieten. Een concentraat moet eerst met water worden verdund.
Volg hiervoor altijd de mengverhouding die op de verpakking staat. Vooral in de winter is dat belangrijk: te sterk verdunnen kan ervoor zorgen dat de vloeistof bij lage temperaturen alsnog bevriest.
Kun je verschillende soorten ruitensproeiervloeistof mengen?
In veel gevallen kan ruitensproeiervloeistof worden bijgevuld terwijl er nog een andere variant in het reservoir zit. Houd er wel rekening mee dat mengen de eigenschappen van de vloeistof kan veranderen.
Zo kan winter-ruitensproeiervloeistof minder goed tegen vorst beschermen wanneer deze wordt gemengd met veel zomervloeistof of water. Wil je zeker weten dat je de juiste bescherming houdt, gebruik dan zoveel mogelijk dezelfde soort vloeistof.
Ruitensproeiers werken niet na het bijvullen?
Heb je het reservoir gevuld, maar komt er nog steeds geen vloeistof op de voorruit? Controleer dan eerst of de sproeiers verstopt of bevroren zijn. Ook kan er een probleem zijn met een slang, pompje of zekering.
Controleer meteen je ruitenwissers. Versleten ruitenwissers kunnen strepen achterlaten of vuil over de voorruit uitsmeren, ook wanneer er voldoende ruitensproeiervloeistof aanwezig is.
Zo houd je goed zicht en ga je veilig op weg.